Het duo werd betrapt in het gedeelte van het recreatiegebied waar naaktrecreatie is toegestaan. Lucien had geen kleren aan en stond rechtop. Kees was wel helemaal gekleed en zat dus op de grond. Toen surveillerende agenten het duo betrapten en wilden ingrijpen, zette Lucien het op een lopen. Hij sprong het water in. Kees bleef zitten en werd uiteindelijk afgevoerd met handboeien om. Even later moest Lucien er alsnog aan geloven en ook hij mocht mee naar het bureau.
Lucien: ,,Ik was daar gewoon om te zwemmen. Ik weet dat bij de Galderse meren een stukje is, waar homoseksuele mannen elkaar opzoeken. Dat moeten ze zelf weten, maar ik moet daar niks van hebben. Toen ik uit het water kwam bleek ik een inschattingsfout te hebben gemaakt en was ik in het gebiedje waar de homo's elkaar normaal gesproken treffen.''
Ieder een boete van 500 euro, zo eist de officier van justitie en daarmee is de kous af. Maar dan komen de heren - waarschijnlijk zonder het zelf te beseffen - ineens met een geniale, juridische zet. ,,Nou, openbaar, openbaar’’, zegt Lucien in zijn laatste woord. ,,Eigenlijk mochten we daar helemaal niet komen.’’
Kees knikt direct. ,,Het was wel echt een afgelegen stukje. Niemand kon het zien. Gelukkig maar.’’ Het mag een marginaal verschil lijken, maar dat is het niet. Want om in juridische termen van schennispleging te kunnen spreken, moet het feit zijn gepleegd in de openbare ruimte. De rechter houdt de zaak dus aan voor nader onderzoek.
Meer in de rubriek Voor de Rechter in het Brabants Dagblad van vrijdag 27 januari.
Uit privacyoverwegingen zijn de namen van betrokkenen veranderd.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.