De voormalig hoofdingenieur voor de Bedrijfsontwikkeling in Noord-Brabant was in zijn werkzame leven een van de topfiguren in de Brabantse landbouw. Nog op hoge leeftijd promoveerde Crijns aan de Universiteit van Tilburg. Hij was 78 jaar oud toen hij zijn proefschrift met als titel 'Van overgang naar omwenteling in de Brabantse Land- en Tuinbouw 1950-1985' verdedigde. Enkele jaren daarvoor, in 1992, schreef hij samen met de oud-voorzitter van de Noordbrabantse Christelijke Boerenbond Frans Kriellaars (NCB) het boek 'Het gemengde bedrijf op de zandgronden in Noord Brabant 1800-1885'.
Ad Latijnhouwers, een andere oud-voorzitter van de NCB, roemt Crijns vanwege zijn verdiensten voor de Brabantse boerenstand. "In goede samenwerking met het landbouwbedrijfsleven heeft Fons Crijns een belangrijke rol gespeeld bij de ontwikkeling en de modernisering van deze bedrijfstak. Zijn grote betrokkenheid met de agrarische bevolking en zijn sociale instelling maakten hem tot een belangrijke intermediair tussen overheid en landbouwbedrijfsleven."
Crijns was lange tijd in dienst van de overheid, onder meer als adjunct-ingenieur in dienst van het ministerie van Landbouw bij het Rijkslandbouwconsulentschap in Limburg. Daarna volgde in 1949 zijn benoeming tot Rijkslandbouwconsulent voor Zuid-Oost Brabant te Eindhoven. In diezelfde functie ging hij in 1953 naar Midden-Brabant, in Tilburg, en werd tevens voorzitter van het college van consulenten in Brabant. In 1963 volgde zijn benoeming tot Hoofdingenieur Directeur voor de Bedrijfsontwikkeling in Noord-Brabant en in 1970 werd hij tevens Provinciaal Voedselcommissaris.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.