Topsportstad zonder betaald voetbal?
TILBURG - "Tilburg heeft de ambitie en de mogelijkheden om een toonaangevende sportstad in Nederland te worden." Voor minder doet de gemeente het niet in de sportnota Niemand Buitenspel. En de leiding van Willem II verkondigt dat de club de ambitie heeft om gemiddeld de zesde plaats in de eredivisie te behalen. Hoe moeilijk kan het zijn beide ambities te combineren? Antwoord: razend lastig.
Ook als je Jan Hamming heet en wethouder bent van zowel sport als ruimtelijke ordening. Daags na het treffen met NAC informeert hij maandag de raadscommissie over de plannen voor Stappegoor en Willem II. De timing kon niet beroerder nu het Midi-debacle met een extra raadsvergadering later die dag een hoogtepunt bereikt.
Hamming is van de PvdA, de partij die nota bene de deur voor steun aan betaald voetbal in de stad de laatste jaren stevig dichthield. Zelf heeft hij inmiddels wel oog voor de noden van de kwakkelende club: een fatsoenlijk trainingscomplex, meer financiële speelruimte, stadionvernieuwing. Dat geldt ook voor burgemeester Vreeman: die weet vanuit Zaanstad wat het is om in de stad betaald voetbal te missen.
Is er mooiere stadspromotie denkbaar voor Tilburg dan een succesvol Willem II? Daar kunnen de Tilburgse kermis, popcentrum 013 en het Textielmuseum sámen nog niet tegenop. Miljoenen zijn er de afgelopen periode geïnvesteerd in kunst en cultuur, waarvan vooral een toplaag profiteert. Maar is er een andere plek waar mensen zó geregeld en zó massaal - oké, in potentie - plezier hebben en mééleven dan het stadion? En waar honderden ondernemers elkaar elke twee weken op de schouders kunnen slaan?
Of de belastingbetaler daaraan moet bijdragen? Natuurlijk hoeft geen stad of politieke partij zich te schamen die die vraag met nee beantwoordt. Er zijn gemeenten die scheutig zijn - Breda, Den Haag - en andere die beslist de hand op de knip houden: Sittard en - momenteel - Waalwijk. Maar de aloude verwijzing naar dikbetaalde profs is goedkoop. Er gaat géén gemeenschapsgeld naar de directe exploitatie, hoogstens naar faciliteiten. Partijen die (zeggen te) hechten aan de stedelijke topsportambitie, de maatschappelijke functie van de club en stadspromotie, zouden bereid moeten zijn voorbij die begrijpelijke reflex te kijken.
De puzzel op Hammings tafel is zowel ruimtelijk, financieel als politiek moeilijk. Een nieuw trainingscomplex is slechts mogelijk na een verplaatsingsoperatie waarbij veel belangen spelen. Alleen al aan een nieuw hockeycomplex bij de Gilzerbaan hangt een prijskaartje van 10 miljoen euro. En zelfs met een Essent-geldboot in aantocht is de gemeente nu bepaald niet in de positie om met geld te strooien.
Het politieke licht staat ondertussen op oranje. De verhoudingen in en tussen gemeenteraad en college staan nog wel even onder hoogspanning (Midi-perikelen); karakters botsen (Vreeman en Smolders vice versa), oude frustraties spelen op (nadat Hamming partner CDA inruilde voor rivaal VVD). Voor een helpende hand voor Willem II moet de wethouder vooral bij de oppositie te biecht. Maar daar heerst, met de verkiezingen van maart 2010 in het vooruitzicht, eerder een sfeer van afrekenen dan van argumenteren en afwegen.
Willem II kan alleen maar hopen dat Hamming een slinger weet te geven aan de groei-ambitie. Op eigen kracht kan de club het eenvoudig niet. Het kost nu al moeite genoeg het sponsorbudget op peil te houden. Dat draagvlak móet straks meegroeien om te kunnen doorstoten naar de subtop.
Misschien is de nog ongerichte gemeentelijke topsportambitie ook wel het probleem. Wie weet is Tilburg straks wieler- en atletiekstad; gaan 'we' voor de hockeytitel en heeft de stad topvolley én -basketbal. Maar als 'we' dan in de eerste divisie spelen of helemaal geen betaald voetbal meer, dan mogen college en raad zich afvragen of ze de stad en veel burgers niet een heel slechte dienst hebben bewezen.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.
donderdag 07 oktober 2010 | 16:01 uur
Laatst bijgewerkt op:
donderdag 07 oktober 2010 | 16:01 uur