Meld je aan voor de BD nieuwsbrief
  • Tunnelman spreekt alles tegen

    Corné van Roosendaal (48) speelt als 'tunnelman' een bijzondere rol in het rechercheteam. De tunnelman houdt de rechercheurs continu een spiegel voor. Houden de rechercheurs voldoende rekening met andere scenario's? Gaan ze niet al te gemakkelijk uit van één bepaalde verdachte?

     


    De tunnelman (officieel: ambtelijk secretaris) strijdt tegen de beruchte tunnelvisie waar het onderzoek naar de Schiedammer Parkmoord zo onder leed. De rechercheurs waren in dat onderzoek naar de dood van de tienjarige Nienke Kleiss in 2000 volledig gefocust op een verdachte die tijdens de politieverhoren bekende de moord te hebben gepeegd. Na zijn veroordeling bleek de man onschuldig te zijn. Om dit soort justitiële dwalingen tegen te gaan, is de tunnelman in het leven geroepen.

    De tunnelman volgt het onderzoek vanaf het prille begin. Hij volgt alle briefings. Gedurende het onderzoek houdt hij ook alle juridische aspecten in de gaten. Verloopt het onderzoek wel volgens de regels? Het Openbaar Ministerie is er immers niet bij gebaat dat de politie een krakkemikkig proces-verbaal aflevert. De kans dat een advocaat tijdens de rechtszaak handig gebruikmaakt van een dergelijk proces-verbaal, is levensgroot. Voor een rechercheur is niets zo erg als een verdachte die vrijkomt door een 'procedurefout'.

    Van Roosendaal: "Vanaf het begin van het onderzoek hang ik er als een helikopter constant boven. Ik probeer iedereen tegen te spreken. Zelf moet ik uiteraard ook oppassen om niet de tunnel in te gaan. Op zich is het nog niet eens zo erg dat je de tunnel inrijdt, zolang je je daar maar bewust van bent."

    Een vooroordeel ligt volgens Van Roosendaal al snel op de loer. "Men focust zich bijna automatisch op de persoon waarvan men zelf denkt dat hij of zij het gedaan heeft. Maar iemand die wegrent, hoeft niet per se de dader te zijn. Soms is het beter om mensen uit te sluiten, om vast te stellen dat al die anderen het niet gedaan kunnen hebben. Dan blijft uiteindelijk die ene verdachte over. Dat maakt de zaak sterker."

    De zaak Joska Gosens is volgens Van Roosendaal een goed voorbeeld. "Het had er meteen alle schijn van dat de vrouw het slachtoffer was geworden van een jachtincident. Toch zijn ook andere mogelijkheden onderzocht. Na een tijdje konden wij alle andere scenario's uitsluiten. Ze liepen dood."

    Soms is schijn voor het onderzoeksteam echter genoeg om in de media toch vroegtijdig helderheid te scheppen. "Neem de Bijlmoord in Roosendaal. Het leek er onmiddellijk op dat het slachtoffer volstrekt willekeurig was uitgekozen door de moordenaar. Om mogelijke geruchten te voorkomen, hebben we de media de situatie toen heel snel uitgelegd. Onderzoektechnisch waren we eigenlijk nog niet zo ver. Het is voor ons een groot spanningsveld geworden; de steeds strengere onderzoekseisen aan de ene kant en de opdringerige media aan de andere kant."


    © Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.

    donderdag 07 oktober 2010 | 20:17 uur
    Laatst bijgewerkt op: donderdag 07 oktober 2010 | 20:17 uur


Meer



Reageer

Vul hier uw naam in. Vul hier uw e-mail adres in. Deze zal niet openbaar getoond worden.
Beschikbare tekens: 2000